Het dorp Flechum bestaat uit drie delen, namelijk Hoeven, Feldhausen en Holthausen, en heeft een lange geschiedenis. De ontwikkeling van Hoeven, met haar oude Kapel, is het meest interessant.

Ernst Simme noemt "de kapel in Hoeven" verschillende malen in zijn werken, en zegt dat het een "Saksisch bedehuis" geweest moet zijn. Hij gelooft dat de kapel op exact deze plaats gebouwd moet zijn om het natuur-gerichte geloof van de Germanen uit te schakelen. De bouw van de kapel werd gefinancierd door een donatie op 13 December 1383. De naam "Flechum" komt van de familienaam Flechtmen/Flechmen. Er zijn verschillende documenten over deze familie verzameld in het register van Meppen, waarvan het eerste dateert uit het jaar 1383. Er wordt aangenomen dat de familie Flechmann de eerste eigenaars waren van de provincie. Dit wordt ook bevestigd door verschillende inschrijvingen in het schooloverzicht. De stichters van de kapel staan met hun namen vermeld in een historisch document. Zij investeerden grote kapitalen voor de bouw en het onderhoud van de kapel. De boeren van Lehrte moesten 10% van hun oogst bijdragen en daarnaast nog drie schepels haver aan Hoeven. Bovendien ontving de dominee van twee koeriers zes schepels met haver om te zaaien. De provincie moest ook accommodatie voor hem regelen. Daarnaast had de dominee ook nog recht op een stuk weiland voor zes koeien en al zijn schapen, en een deel van het Flechumer bos om zijn vier varkens en zijn paard te voeden. Door deze royale ontvangsten en rechten, welke golden voor altijd, was de kerk erg welvarend. Helaas brachten oorlogen en religieuze conflicten het fortuin sterk terug. Volgens de documentatie "Haseluenne na de eerste jaren van oorlog" uit 1650 van de priester Engelbert Moeseler werden de ontvangsten van de kerk snel minder. Het gebouw zelf verkeerde in slechte toestand en in 1651 werd het gebouw afgebroken en er werd een nieuwe kapel gebouwd door Casper von Monnich zu Eickhof uit Anrup. De vensters in deze kapel dragen het jaartal 1652. Tijdens een restauratie proces een aantal jaren geleden, werden de bewaarde wapenkundige figuren verenigd in de vensters van de Christelijke parochiekerk in Haseluenne.


De St. Franziscus kerk in Flechum

In de kerkregisters komt de naam Flechtmann/Flechmann geregeld voor. Ernst Simme neemt aan dat deze familie op één van de landgoederen in Hoeven woonde. In 1652 documenteerde het geestelijken- en bevolkingsregister van de boerengemeenschap Flechtmann 40 personen ouder dan 14 jaar en 12 huishoudens. Volgens het schooloverzicht waren er 14 landeigenaren met "Heuerleuten" (inwoners zonder land) in Flechum. Het landgoed Schulte moest zijn bijdragen afstaan aan Flechtmann, de rest moest betalen aan het landgoed Eickhoff. De koeien van Flechum mochten grazen op de "Malemoor" weilanden van Haseluenne en de landgoederen bezaten verschillende schaapskuddes. In 1872 werd het boerenland opgesplitst en nam het aantal schapen af. De introductie van kunstmest veranderde de landbouw van Flechum enorm, omdat schapenmest nu niet langer nodig was om het land vruchtbaar te maken.
Aan de hoofdweg lag vroeger een groot eikenbos. Het laatste overblijfsel daarvan is de "Klusebohm". Deze honderden jaren oude eikenboom is helaas een aantal jaar geleden afgestorven. Er is een nieuwe boom gepland. Eeuwen geleden was op de plaats van de Klusebohm de 'rechtszaal'. Hier werd, net als in Haseluenne op een grote platte steen, onder de blote hemel recht gesproken.
Doordat er eeuwenlang schapen waren gehouden op de landerijen hadden er zich rondom Flechum in andere gebieden in het Emsland turfland en zandduinen ontwikkeld. De Bisschop van Muenster, Maximilian Friedrich (1761-1784), wilde de situatie verbeteren door 58 000 schepels zaad te verspreiden in het gebied rondom Haseluenne. Net als in de andere provincies, waardeerden de inwoners van Flechum deze plannen niet.
Uit inschrijvingen in het schooloverzicht blijkt dat de boeren van Flechum de zaden kookten om ontkieming tegen te gaan, om ze vervolgens als mest voor het land te gebruiken. Na dit eerste verzet realiseerden de boeren dat het planten van naaldbomen zandophoping tegen ging. Een andere manier om zandophoping tegen te gaan was het aanleggen van wallen rondom de weilanden en de velden.
Flechum is gelegen aan de hoofdweg van Haseluenne naar Loeningen. Achteraf kunnen we zeggen dat dat een goede beslissing is geweest, omdat Flechum, in vergelijking tot Eltern, geen last heeft van het constant groeiend verkeer. Toen de spoorlijn aangelegd werd kreeg Flechum zijn eigen station. Het stationsgebouw werd gebouwd in 1900. het werd gefinancierd door de verkoop van de "Malemoor" weilanden in Haseluenne. Volgens de schoolregisters was 1824 het emigratiejaar. 16 families verlieten Flechum gezamenlijk en emigreerden.


Er was een militair oefenterrein in Flechum van ongeveer 40 hectare, omheind door een wal, waar de soldaten van de Koning van Hannover oefenden tijdens de oorlog in 1866.
Al in 1927 had Flechum elektrische verlichting.
De ontwikkeling van de school verliep gelijk aan de geschiedenis van Flechum. De schaapsherder Johann Koetter werd de eerste voltijds schoolmeester van de provincie in 1823. Voordat hij hieraan begon volgde hij een zes weken lange cursus ter voorbereiding in Osnabrueck. Het schoolgebouw zelf was al veel eerder gebouwd. Net zoals in andere gemeenten was het een simpele constructie met kleien wanden en daarom was het al snel nodig om een nieuwe school te bouwen. De bouwplannen dateren van 25 April 1842. In 1878 ontving de schoolmeester gratis een officiële dienstwoning. De school was gebouwd in de typisch 'Emse' stijl, gelijk aan de stijl van de nog steeds bestaande scholen in Huelsen en Lothe. Na tientallen jaren was het gebouw niet meer geschikt om dienst te doen als school en in 1930-1931 werd er een nieuwe school gebouwd, welke op 1 november 1931 in gebruik ging. Later werd de eenjarige katholieke basisschool een basisschool voor de klassen 1-4. Door een vermindering van het aantal inschrijvingen een aantal jaren geleden kreeg Flechum de naam "kleinste school van Nedersaksen". De ouders in Eltern slaagden erin om sluiting van de school te voorkomen. Tot op de dag van vandaag doet het gebouw dienst als basisschool van Flechum/Westerloh. Tijdens de eerste twee schooljaren krijgen de kinderen uit Flechum, Huelsen en Westerloh les in Flechum, het derde en vierde schooljaar gaan de kinderen naar een school in Westerloh. Dit schoolsysteem heeft zich bewezen, want ook nu nog is deze school het middelpunt van de gemeente.
Een ander belangrijk onderwijs instituut is de kleuterschool van Flechum, welke een eigen geschiedenis heeft. De toenmalige leraar Gerhard Kampmeyer, een zeer toegewijd persoon, richtte in samenwerking met de ouderraad een kleuterschool op, op de eerste verdieping van de school in zijn woonplaats. De vereniging "Kinderspielkreise Flechum e.V." was verantwoordelijk voor dit instituut totdat de gemeente Flechum het op 1 januari 1973 overnam. Door herstructureringen werd de kleuterschool op 1 maart 1974 overgedragen aan de stad Haseluenne. Het afnemende geboortecijfer had ook invloed op de kleuterschool, maar de ouders verdedigden hun kleuterschool met net zoveel succes als zij de basisschool hadden verdedigd. De kleuterschool werd een kinderspeelhuis, met dezelfde pedagogische vorming als een kleuterschool.
Eeuwenlang was er een kerkelijke dienst in de kapel van Hoeven. Na de tweede wereldoorlog werd de klokkentoren omgebouwd tot kapel. Kleurrijke vensters en echte klokken gaven het een waardige verschijning. Door een groeiende bevolking werd de kapel te klein en er werd een 'echte' kerk gebouwd voor gezamenlijke doeleinden. Het grootste deel van de bouw werd gefinancierd door een bedrag van 120.000 DM, gedoneerd door de 440 inwoners van Flechum. Het gebouw, dat was ontworpen door de architecten Bruemmer, opende haar deuren op 2 oktober 1967. Volgens een krantenartikel over de opening van de kapel, geeft de vierkante vorm van de kapel overzicht en er is ruimte voor een grote groep gelovigen.


In de daaropvolgende jaren werd de trein een minder belangrijk vervoermiddel voor passagiers. Daarvoor in de plaats werden er bussen gebruikt voor het openbaar vervoer, zo ook schoolbussen. Het treinstation verloor daardoor zijn economische waarde en een aantal jaren geleden werd het gesloten.
Vroeger was Flechum puur een landbouw gemeenschap. Door de enorme herstructurering in de landbouwsector na de tweede wereldoorlog verloren boeren hun werk. Om nieuw werk te vinden probeerde Flechum industriële bedrijven aan te trekken. In 1964 begon een dochteronderneming van het bedrijf Gautier uit Emden met zijn werkzaamheden in Flechum. Het bedrijf produceerde grootruim reservoirs en batterijtanks. Het bedrijf doet nog steeds dienst in Flechum, maar onder een andere rechtsvorm.
In dezelfde periode was de woonwijk "Sandpool" ontstaan. In 1967 bestond de woonwijk uit 31 huizen, maar sindsdien heeft het zich alleen maar uitgebreid. Hoewel de boerengemeenschap Flechum veranderde in een moderne woongemeente, speelt landbouw nog steeds een belangrijke rol. De in 1909 opgerichte schietclub heeft het culturele leven van Flechum sterk gevormd. De toegewijde sportclub SV Flechum bestaat uit twee sportvelden, een oefenruimte en een modern clubgebouw met kleedkamers.
Flechem behoort tot de katholieke kerkgemeente Haseluenne. Omdat Flechum haar eigen kerk heeft is het dorp relatief onafhankelijk. Flechum heeft het voormalige lerarenwoonhuis gehuurd en het omgebouwd tot jeugd- en gemeenschapscentrum. In 1991 werd Flechum opgenomen in het dorpenvernieuwingsprogramma. In 1900 had Flechum 270 inwoners, tegenwoordig is dat aantal gegroeid tot 522. De huidige burgemeester is de heer Dirk Holterhaus.
Al met al is Flechum een levendig, groeiend dorp.

 

 

Stadt Haselünne | Rathausplatz 1 | 49740 Haselünne | Tel.: 05961/509-0 | EMail: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Öffnungszeiten der Verwaltung

2015 by HoGa Webdesign
Ga naar boven